Naar de inhoud Naar het menu

Getallen en hofkaarten lezen

Tarot leren in 7 dagen · Les 4

De Kleine Arcana is het grootste deel van een tarotdeck: 56 kaarten, verdeeld over vier kleuren. Veel beginners denken dat ze die 56 kaarten een voor een uit hun hoofd moeten leren. Dat hoeft niet. Elke kaart in de Kleine Arcana geeft je twee stukjes informatie: een kleur en een getal of een rang. De kleur ken je uit les 3. In deze les komt het tweede stukje erbij. Als je die twee samenvoegt, kun je bijna elke kaart lezen.

Een reeks van een tot tien

Elke kleur heeft tien kaarten met een nummer, van Aas tot Tien. De Aas is de een. Die nummers volgen in elke kleur ongeveer hetzelfde verloop. Je kunt het zien als een verhaal. Iets begint, loopt vast, komt weer op gang en eindigt.

Dit is de reeks zoals ik hem zelf gebruik:

  • Aas: het begin. Er komt iets nieuws, een kans of een idee.
  • Twee: een keuze of een ontmoeting. Er zijn nu twee kanten.
  • Drie: de eerste groei. Iets krijgt vorm, vaak samen met anderen.
  • Vier: rust. Je staat even stil bij wat er is.
  • Vijf: wrijving. Het gaat niet meer vanzelf. Er is ruzie, strijd of verlies.
  • Zes: herstel. Je komt weer in beweging, vaak met hulp.
  • Zeven: twijfel. Je moet kiezen hoe je verdergaat.
  • Acht: inzet. Je werkt ergens hard aan, of je gaat ergens weg.
  • Negen: bijna klaar. Je ziet het resultaat, maar het is nog niet af.
  • Tien: afronding. Een fase is vol. Daarna begint iets nieuws.

Je hoeft deze lijst niet in een keer te kennen. Begin met drie vaste punten: de Aas is het begin, de Vijf is wrijving en de Tien is de afronding. De andere getallen kun je daartussen plaatsen.

Kleur plus getal

Nu ga je combineren. Neem de kleur uit les 3 en leg het getal ernaast.

Op de Staven Aas zie je een hand die uit een wolk komt. De hand houdt een stok vast, en aan die stok groeien jonge blaadjes. Staven gaan over plannen, zin in iets en aanpakken. Een Aas is een begin. Samen betekent dat: een nieuw plan, of opeens weer zin om iets te doen.

Op de Staven Vijf zie je vijf jongens die met hun stokken tegen elkaar zwaaien. Niemand lijkt echt gewond te raken, maar het is een rommelig gevecht. Staven plus wrijving: ideeën die botsen, iedereen wil zijn eigen zin.

Op de Bekers Vijf staat iemand in een zwarte mantel. Voor zijn voeten liggen drie omgevallen bekers. Achter hem staan nog twee bekers rechtop, maar hij kijkt er niet naar. Bekers gaan over gevoel en relaties. Hier is de wrijving verdriet om iets dat misging.

De Tien laat zien dat een afronding er heel anders uit kan zien. Op de Bekers Tien staat een stel met de armen omhoog. Boven hen staat een regenboog met tien bekers, en naast hen dansen twee kinderen. Op de Zwaarden Tien ligt iemand op de grond met tien zwaarden in zijn rug. Toch zeggen beide kaarten: dit is af. De ene keer is dat een blije plek. De andere keer is het een punt waarop het echt niet verder kan.

Ik merk dat beginners vaak schrikken van een kaart als de Zwaarden Tien. Met de reeks in je hoofd kijk je er rustiger naar. Een Tien is een einde, en na de Tien komt weer een Aas.

De hofkaarten: vier mensen per kleur

Naast de nummers heeft elke kleur vier hofkaarten. Een hofkaart is een kaart met een persoon erop, met een rang zoals aan het hof van een koning. De rangen zijn Schildknaap, Ridder, Koningin en Koning. Vier kleuren keer vier rangen geeft zestien hofkaarten.

Ook hier helpt een vaste volgorde:

  • De Schildknaap is de leerling. Hij is jong en nieuwsgierig, en staat aan het begin van iets. Vaak brengt hij een bericht.
  • De Ridder zit op een paard en is onderweg. Hij doet iets, soms te snel.
  • De Koningin zit op een troon en kent haar kleur van binnenuit. Ze begrijpt en ze zorgt.
  • De Koning heeft de leiding. Hij gebruikt zijn kleur naar buiten en neemt verantwoordelijkheid.

Ook een hofkaart lees je als rang plus kleur. Op de Bekers Koningin zit een vrouw op een troon aan de rand van het water. Ze kijkt naar een versierde beker met een deksel. Bekers gaan over gevoel. Een Koningin kent dat gevoel van binnenuit. Samen is dat iemand die goed luistert en aanvoelt wat een ander nodig heeft.

Iemand anders, of een kant van jezelf?

Een hofkaart kan twee dingen betekenen. Het kan gaan over een persoon in je leven. Of het gaat over een kant van jezelf die op dit moment belangrijk is. Hoe kies je?

Ik stel mezelf een paar vragen.

  1. Gaat mijn vraag over iemand anders? Vraag je naar je band met een collega, dan zegt een hofkaart waarschijnlijk iets over die collega.
  2. Denk ik meteen aan iemand? Zie je de Staven Ridder en denk je direct aan een vriend die steeds met nieuwe plannen komt, neem die gedachte dan serieus.
  3. Herken ik dit gedrag bij mezelf? Komt er niemand in je op, lees de kaart dan als een kant van jou. De Ridder vraagt dan misschien: ben je zelf aan het rennen?

Twijfel je, kies dan voor jezelf. Tarot vertelt niet wat er gaat gebeuren. Het geeft je een beeld waarmee je naar je eigen situatie kijkt. En met een kaart over jezelf kun je meestal meer doen dan met een kaart over een ander.

Oefening

Open de legging "3 Tarotkaarten" op de site en trek drie kaarten. Een legging is een vaste manier om kaarten neer te leggen. Je hoeft vandaag geen vraag te stellen.

Kijk per kaart eerst wat voor kaart het is. Is het een kaart uit de Grote Arcana, een van de 22 hoofdkaarten? Sla die vandaag over.

Is het een kaart met een nummer? Schrijf de kleur en het getal op. Schrijf daarna in een zin wat die twee samen kunnen betekenen.

Is het een hofkaart? Schrijf de rang en de kleur op. Noteer of je meteen aan iemand denkt. Zo niet, schrijf dan op waar je dit gedrag bij jezelf herkent.

Lees pas daarna de uitleg bij de kaart en vergelijk.

Doe de oefening

Krijg elke ochtend een les in je mail

7 dagen elke dag een les, daarna de wekelijkse brief over de kaarten. Gratis, en afmelden kan altijd met één klik.